Van zaadje tot koffie (deel 1)

Inleiding

Er zijn maar weinig mensen die beseffen hoeveel werk er verricht moet worden om onze dagelijkse kopjes koffie te kunnen drinken. Vandaar dit artikel met daarin beschreven de stappen in het proces van zaadje tot kopje koffie.

De meesten van ons betalen de koffiebonen in de winkel of voor het kopje koffie in een cafe / restaurant en geven weinig aandacht aan het werk dat nodig is om dat kopje koffie te kunnen leveren aan de consument. Want achter de koffiebonen zit een koffiebrander die op vakkundige wijze de groene bonen brand en achter de koffiebrander zitten de importeurs en cuppers die vakkundig de beste Arabica koffiebonen identificeren en achter de importeurs en cuppers zijn de koffiebonen verwerkers die de bessen verwerken tot gepolijste groene koffiebonen klaar voor de export en achter hen zit de koffieboer. De talloze boerenbedrijven waar op onvermoeibare wijze de boeren werken met hun gezinnen om de arbeidsintensieve activiteiten in koffiebonen landbouw uit te voeren.

Dus achter elk kopje koffie die wij drinken zit een barista, het café, de brander, de importeur/koper, de koffieverwerker en de boerderij, die elk een bijdrage leveren en die er voor gezorgd hebben dat koffie zich heeft ontwikkeld tot het tweede meest verhandelde product, alleen overtroffen door olie.

Hieronder vind je een uitleg van de stappen in de koffie leveringsketen (van zaadje tot kopje koffie).

1. Koffie zaden zaailingen in de kwekerij
Koffiestruiken worden gekweekt uit zaad dat eerder uit de koffiebes is gewonnen en gedroogd. Deze zaden zijn meestal geselecteerd uit struiken die bekend staan ​​om hun goede commerciële waarde (dat wil zeggen de productiviteit en duurzaamheid). Gedroogde koffiezaden kunnen worden gebruikt voor zaailingen tot een jaar  Kweekerijof langer na het oogsten, mits correct opgeslagen.

Het kan zes of zeven weken duren voor de koffie zaden ontkiemen. Na het kiemen worden de zaailingen uit het kweekbed verwijderd en in individuele potten geplant.

De schaduw in de kweekerij wordt langzaam verminderd en de laatste twee maanden (de struiken hebben dan een hoogte van 20-40 cm), voordat de zaailingen worden verplant, wordt de schaduw volledig verwijderd.

2. Koffie zaailingen van de kwekerij naar de plantage
Er zijn twee klimaten die optimaal zijn voor het kweken van Arabica koffiebonen. Dit is de meest gebruikte koffieboon voor het zetten van koffie:

  • De subtropische gebieden op grote hoogte zoals in Mexico, Jamaica, de S. Paulo en Minas Gerais regio's in Brazilië en Zimbabwe
  • De equatoriale regio's op zeer grote hoogte van 1000-2000m zoals in Kenia, Colombia en Ethiopië

Als de koffie zaailing ongeveer een jaar oud is, wordt deze verplaatst naar de plantage. De zaailing is inmiddels 30 - 45 cm hoog en heeft zijn eerste hoofdtakken. Het verplaatsen gebeurt vaak tijdens het regenseizoen, de grond rondom de jonge struik blijft dan vochtig waardoor de wortels zich stevig in de grond kunnen verankeren.

De zaailingen worden geplant in ondiepe gaten, ongeveer 2,5 - 3,5 meter uit elkaar.  Dit heeft de volgende voordelen:

  • geeft ruimte aan het wortelstelsel om zich te ontwikkelen, 
  • geeft ruimte aan zonlicht om elke struik te kunnen bereiken, 
  • zorgt voor gemak bij het kweken en oogsten.

De plantdichtheid is meestal tussen de 1125 - 2000 struiken per hectare. Koffieplantages bevinden zich over het algemeen in dicht beboste gebieden en op glooiende berghellingen. De plantages met een natte verwerking hebben ook een overvloed aan water.  De optimale bodem is zanderig en met veel rotsen om de bodem 
relatief koel en goed gedraineerd te houden.

3. Het cultiveren van de volwassen koffiestruik
Het cultiveren van de koffiestruik omvat het voortdurend wieden, snoeien, bemesten en spuiten.

In het algemeen gebeurt het bemesten alleen wanneer de struiken vruchten beginnen te krijgen. Dit is als ze ongeveer drie jaar oud zijn. Bemesten heeft als doel de kali, stikstof en fosforzuur dat de koffiestruik uit de grond gebruikt te herstellen. De natuurlijke meststoffen die worden gebruikt bestaan ​​uit stalmest, peulvruchten, gesnoeide bladeren van koffiestruiken, bepaalde onkruid, bot en vismeel, guano, hout as, koffie pulp en perkament. De chemische meststoffen bestaan ​​uit superfosfaat van kalk, thomasslakkenmeel, sulfaat van ammoniak, kalksalpeter, sulfaat van potas, nitraat van potas en dergelijke stoffen.

Het snoeien is een belangrijk onderdeel van het teeltproces. Niet gesnoeide koffiestruiken kunnen een hoogte krijgen van 12 m waardoor het moeilijk wordt om de bessen te oogsten. Er komt in dat geval ook te veel van de voedingsstoffen, die uit de bodem worden opgenomen, in het hout van de struik, in plaats van in de bessen. In het algemeen worden koffiestruiken, na de eerste oogst, jaarlijks gesnoeid en op een hoogte van 1,8 - 3,65 m gehouden.

Koffiestruiken hebben hun grootste productie van het zesde tot het vijftiende jaar. Sommige struiken kunnen wel 20 - 30 jaar een goede productie hebben. Een struik produceert ongeveer een(1) kilo ruwe koffiebonen per jaar. Aan het einde van de levensduur van de struik, wordt deze gesnoeid op het niveau van de grond en krijgen alleen de sterkste spruiten die uit de stronk ontkiemen de kans om te rijpen.

4. Oogsten van de rijpe koffiebessen
Als de koffiestruiken ongeveer 3 tot 4 jaar in de boomgaard staan, beginnen de zoete jasmijn geurende bloemen, te groeien in de oksels van de koffie bladeren.

Niet rijpe bessenNa enkele weken beginnen de bessen zich te vormen op dezelfde plaats waar de bloemen bloeiden. Na verloop van tijd zullen deze kleine bessen groeien tot grote groene bessen die vervolgens, in ongeveer 30-35 weken, in een rode kleur veranderen. Zodra de bes van kleur is verandert van groen naar een glanzend karmozijnrode kleur, is deze geschikt om geplukt te worden. Het rijpings-seizoen varieert in de wereld en is afhankelijk van het klimaat en de hoogte. Rijpe bessen

In landen als Brazilië en Mexico, bloeien de struiken meer dan zes tot acht weken, terwijl in de landen gelegen langs de evenaar (bijvoorbeeld Kenia en Colombia), een koffiestruik tegelijkertijd rijpende bessen en rijpe bessen op dezelfde tak kan hebben.

In de meeste koffieproducerende landen is er slechts één oogst per jaar. Maar in landen gelegen langs de evenaar is er vaak een hoofdoogst en een secundaire oogst.

Koffiebessen worden ofwel selectief met de hand geplukt, volledig gestript van de struik met zowel onrijpe en overrijpe bessen, of geplukt met behulp van een machine. Deze processen worden respectievelijk selectief plukken, strip-picking en mechanische oogst genoemd.

In landen als Brazilië, waar het landschap relatief vlak is, de bessen gelijktijdig rijpen en de plantages immens groot zijn, is het oogstproces gemechaniseerd.

De overgrote meerderheid van de Arabica bonen worden selectief geplukt. Plukkers rouleren elke 8-10 dagen tussen de struiken en plukken alleen de bessen die rijp zijn. Dit proces is arbeidsintensief en kostbaar en is dan ook de reden dat Arabica koffiebonen duurder zijn dan Robusta koffiebonen. De bessen zijn maar een paar dagen geschikt om te plukken daarna zijn ze overrijp. De plukkers moeten dus een aantal keren een struik controleren en de rijpe bessen plukken.

Overrijpe bessen vallen op de grond en zijn dan niet meer te gebruiken. De timing is dus zeer essentieel. Een koffieplukker plukt per dag gemiddeld tussen de 50 en 100 kg koffiebessen.

Lees ook deel 2

 

 

Bijbehorende producten:
New York Coffee Canvas

Canvas New York Coffee 40x40 cm

€ 6,59
Bestellen
mosa flavorwhip

Slagroomspuit Mosa Flavorwhip 0,5L met kunststof kop

€ 24,95
Bestellen